Prikbord

Sad Logo Amazon
Berichten

Cartoonists Against Amazon keert zich tegen ComiXology

De meeste mensen consumeren hun geliefde leesvoer nog altijd het liefst in papieren vorm, maar wie net zo graag van een tablet leest en verzot is op Amerikaanse comics zal vast weleens van ComiXology hebben gehoord. Dit bedrijf is al sinds 2007 gespecialiseerd in e-comics en verkoopt ze tegenwoordig van vrijwel alle kleine en grote uitgevers, waaronder Marvel, DC en Image. Het bedrijf heeft ook een aantal programma’s op de markt gebracht die handig zijn voor lezers van papieren strips en winkels van baksteen. ComiXology is in de loop der jaren dan ook uitgegroeid tot een omvangrijk en invloedrijk bedrijf.

ComiXology sponsort een aantal belangrijke stripfestivals (waaronder het Britse Thought Bubble). Goede zaak, zou je denken, maar een groep alternatieve stripmakers heeft afgelopen maandag een oproep geplaatst aan festivals om hun banden met ComiXology te verbreken en voortaan volledig open te zijn over de ontvangst en besteding van sponsorgeld. De lijst is ondertekend door een grote en groeiende groep auteurs, waaronder Kevin Huizenga, Jilian Tamaki, Michael DeForge en Sarah Glidden. De naam van dit initiatief is Cartoonists Against Amazon en daarmee is gelijk duidelijk waar de schoen knelt.

Logo ComiXology

In 2014 werd ComiXology overgenomen door Amazon, het bedrijf dat al haar producten onbegrijpelijk laag prijst en zonder verzendkosten naar je toestuurt. Maar zoals alles dat te goed klinkt om waar te zijn, komt ook deze service met een hoge prijs. Dankzij relatief goede wetgeving heeft Amazon zich in Europa meestal redelijk netjes gedragen, maar in de Verenigde Staten, waar het bedrijfsleven veel meer bewegingsvrijheid heeft, zoekt Amazon al jaren de grenzen op van wat maatschappelijk aanvaardbaar is.

Het bedrijf staat bekend om de lage lonen en slechte arbeidsomstandigheden, terwijl ze haar werknemers tegelijkertijd verbiedt om zich te verenigen of aan te sluiten bij een vakbond. Nieuwe distributiecentra worden bij voorkeur geplaatst in gemeenten waar Amazon geen of bijna geen belasting hoeft te betalen. De gemeenten verdienen daardoor geen geld, maar moeten wel vele onderbetaalde Amazon werknemers financieel bijstaan. Het is dan ook geen verrassing dat onderzoek laat zien dat de komst van een Amazon distributiecentrum veelal voor een verarming van de regio zorgt.

De destructieve gevolgen van deze bedrijfsvoering zijn steeds meer mensen een doorn in het oog. Wat voor de stripmakers die de actie gestart zijn echter de druppel vormde, was het feit dat data-analysebedrijf Palantir haar activiteiten laat hosten bij Amazon. Palantir heeft software ontwikkeld waarmee social media platforms worden uitgevlooid om gedetailleerde profielen van burgers samen te stellen. Met die praktijken is Palantir al een paar keer in het nieuws gekomen vanwege (betrokkenheid bij) het ‘bespioneren’ van Democratische politici, vakbondsmensen, en linkse demonstranten. Ook helpt ze de Amerikaanse migratiedienst (ICE) met het volgen van migranten om ze op te kunnen pakken en uit te zetten. Praktijken die er eerder al voor zorgden dat het Toronto Comic Arts Festival (TCAF) haar banden met ComiXology verbrak en ook de Small Press Expo (SPX) in Bethesda het bedrijf stilzwijgend van de sponsorlijst verwijderde.

De petitie is op dit moment 3 dagen oud, dus valt er nog maar weinig te zeggen over het succes. Ongeacht of festivals gehoor geven aan de oproep is de kans klein dat Jeff Bezos het in zijn portemonnee zal voelen, maar hopelijk groeit hiermee in ieder geval het bewustzijn dat er verborgen kosten zitten aan de voordelen van Amazon.

De open brief van Cartoonists Against Amazon, inclusief de lijst van sympathisanten, is te lezen op Medium. In de brief zijn een ruim aantal links opgenomen naar online artikelen om de eerder genoemde aanklachten te onderbouwen.

joost-swarte-omslag
Berichten

Kunsthal Rotterdam viert jubileum Joost Swarte met grote expositie

Joost Swarte viert dit jaar zijn vijftigjarig jubileum als stripmaker, illustrator, ontwerper en architect met een tentoonstelling in de Kunsthal Rotterdam. De tentoonstelling Joost Swarte overal brengt met een dwarsdoorsnede van Swartes oeuvre een ode aan vijftig jaar tekenen: van zijn eerste strips, originele tekeningen, schetsen, ontwerpen en objecten tot recent werk. Ook is Swartes zoektocht naar de meest verrassende en iconische illustraties te zien aan de hand van niet eerder getoonde schetsen.

Swarte is internationaal gezien de bekendste Nederlandse stripmaker. In Nederland zelf is hij bij een breed publiek bekend, al zal niet iedereen beseffen hoeveel werk hij gemaakt heeft. Swarte is namelijk een artistieke duizendpoot die overal opduikt. Vandaar de titel van de tentoonstelling, Joost Swarte overal.

Begin jaren ’70 start Swarte zijn carrière als underground striptekenaar voor de tijdschriften Modern Papier en Tante Leny presenteert! Zijn debuut in Frankrijk in 1974 in het stripblad Charlie Mensuel betekent zijn doorbraak. Met zijn strips voor kinderen in de bladen Okki en Jippo krijgt hij meer bekendheid onder een breed publiek. Vanaf 1980 publiceert hij zijn strips in het grensverleggende Amerikaanse RAW Magazine. Hij werkt ook in opdracht van Belgische, Franse, Spaanse en Amerikaanse bladen waaronder het invloedrijke The New Yorker.

Joost Swarte beperkt zich niet enkel tot strips, hij illustreert ook romans van Nescio en ontwerpt onder meer postzegels, affiches en platenhoezen. Verder is Swarte mede-initiatiefnemer van tijdschriften als Modern Papier en Scratches, evenals van het grootste Europese tweejaarlijkse stripfestival Stripdagen Haarlem en het Hergé Museum in het Belgische Louvain-la-Neuve. Voor dit museum ontwierp hij ook het interieur.

Voor de tentoonstelling Joost Swarte overal heeft de Kunsthal Rotterdam een ruime keuze gemaakt uit het gigantische oeuvre van Swarte. Aansprekend bovendien, gezien de kwaliteit  en diversiteit van zijn werk. De expositie loopt van 14 september 2019 tot 12 januari 2020. Meer informatie vind je op de website van de Kunsthal Rotterdam.

Berichten

Bijzondere verkoopbrochure van Toonder Studio’s uit jaren vijftig eindelijk integraal verkrijgbaar

Publicist Jan Willem de Vries werkt al jaren onvermoeibaar aan een grote reeks publicaties rondom Marten Toonder, met name de Toonder Studio’s. Sinds september 2017 verschenen met een ijzeren regelmaat in totaal achttien delen van De geschiedenis van de Toonder Studio’s. Afgelopen voorjaar publiceerde hij het laatste deel. Na gedane arbeid kwamen er nog twee supplementen: te veel prachtig beeldmateriaal was blijven liggen; het zou zonde zijn dat niet alsnog toe te voegen aan de twee verzamelbanden.

En nóg was het niet gedaan. Alle Toonder-aficionados die zich hadden ingetekend voor De geschiedenis van de Toonder Studio’s kregen in het voorjaar een enthousiaste mail van De Vries, waarin hij vertelde dat hij tijdens zijn vorserswerk af en toe exemplaren tegenkwam van het Engelstalige Cartoonder, een tijdschrift dat eigenlijk een verkoopbrochure was. In Cartoonder schreven medewerkers van de Toonder Studio’s over hun strip- en tekenfilmprojecten, verslagen van werkzaamheden tot en met interessante artikelen over tekenfilmproductie en het nut van strips. En dat alles met veel foto’s en illustraties.

Wie verwacht dat het vooral om nostalgie en schoonheid gaat, heeft het mis: de artikelen in Cartoonder zijn kundig en openhartig geschreven en schetsen een interessant tijdsbeeld. Met onderwerpen als special effects, soundtracks en de voordelen van tekenfilm als drager van reclame-uitingen is deze bundeling Cartoonders veel meer dan de som der delen.

Vijf uitgaven van Cartoonder verschenen tussen mei 1952 en mei 1955. Samen met een zeldzame Duitse brochure heeft De Vries ze eenmalig en compleet gebundeld, in een oplage van slechts 200 exemplaren op lp-formaat, waarvan nog slechts een beperkt aantal voorhanden is. De verkoopprijs inclusief verzending is € 65,00 en een exemplaar kan direct via de uitgever worden besteld.

Moebius-Arzach
Berichten

Expositie Max Ernst Museum Brühl toont veelzijdigheid Moebius

Brühl is een kleine Duitse stad linksonder Keulen, dat dankzij enkele imposante kastelen, een waterrijk natuurgebied en het pretpark Phantasialand een van de belangrijkste trekpleisters van Duitsland is. Pal naast het station bevindt zich bovendien het Max Ernst Museum. Daar organiseren ze exposities die een groot publiek aanspreken. Zo vonden er in het verleden exposities plaats van David Lynch, Tommi Ungerer en Tim Burton. Dit jaar wijdt men een forse  tentoonstelling aan Jean Giraud en dan met name het werk dat hij maakte onder zijn pseudoniem Moebius. Dat is niet verwonderlijk, want de kunstenaar Max Ernst stond aan de wieg van het Surrealisme, waarin het onderbewustzijn een grote rol speelt. Datzelfde is natuurlijk het geval in het werk van Moebius.

In de expositie wil men vooral de veelzijdigheid van Moebius laten zien, aan de hand van schetsboeken, strippagina’s, schilderijen, zeefdrukken, losse tekeningen en verder alles wat er nog voorhanden is (en gezien de legendarisch hoge productie van Giraud zal dat heel wat zijn). In het verleden heeft het Max Ernst Museum al laten zien mooi opgezette publiekstrekkers te kunnen verzorgen dus dat belooft veel goeds. De Moebius-expositie loopt van zondag 15 september tot en met zondag 16 februari 2020.

Berichten

De Eisner Awards 2019 zijn bekend

Een tijdje geleden brachten we je al op de hoogte van de nominaties voor de Eisner Awards en hebben we een aantal genomineerden die er volgens ons uitsprongen gerecenseerd. Inmiddels zijn de winnaars bekend gemaakt en plukken we er graag weer een paar opvallende namen en categorieën uit.

Mister Miracle TPBDe meest genomineerde auteur was Tom King, hij zag maar liefst vier van zijn vijf nominaties verzilverd. Voor Mister Miracle (Best Limited Series), The Talk of the Saints (Best Short Story), The Vision Hardcover (Best Graphic Album – Reprint) en tenslotte voor Batman, Swamp Thing Winter Special, Mister Miracle en Heroes in Crisis (Best Writer). King wordt al jaren bejubeld als een groot talent, maar vier Eisners in één jaar is desondanks uitzonderlijk. Zijn Mister Miracle leverde overigens nog een winnaar op, namelijk tekenaar Mitch Gerads die de Eisner voor Best Penciller/Inker overhandigd kreeg.

Voor tekenaars die niet tekenen maar schilderen bestaat trouwens een aparte Eisner met de kekke naam Best Painter/Multimedia Artist (interior art). Dit jaar ging hij, net als in 2016 overigens, naar Dustin Nguyen voor zijn werk aan Descender

Ook de makers van de door ons besproken serie Giant Days, en dan met name schrijver John Allison, mochten meermaals naar het podium lopen. Zij namen Eisners in ontvangst voor Best Continuing Series en Best Humor Publication.

Gideon Falls 1Overigens bestaat er niet alleen een Eisner voor een Continuing Series, er is er ook een voor Best New Series. Die ging dit jaar naar Gideon Falls van Jeff Lemire en Andrea Sorrentino.

De Eisner voor Best Reality-Based Work ging naar Box Brown voor het boek Is This Guy For Real? The Unbelievable Andy Kaufman. Brown maakte eerder waargebeurde verhalen over Tetris, Cannabis en André the Giant.

Die van Best Graphic Album—New ging naar het onvolprezen duo Ed Brubaker and Sean Phillips voor My Heroes Have Always Been Junkies, dat we ook besproken hebben. Wij noemden het album “een pittige outsider”, dus zo zie je maar weer dat kwaliteit zich nooit laat verloochenen.

The Prince and the DressmakerOok Jen Wang nam twee Eisners mee naar huis dankzij haar veel bejubelde album The Prince and the Dressmaker (Best Publication for Teens (13-17) en Best Writer/Artist). Een romantisch sprookje over gender-vooroordelen dat niet alleen leuk is voor tieners (of vrouwen). 

Voor kinderen tussen de 9 en 12 bestaat ook een Eisner en wel de Best Publication for Kids (9-12) die dit jaar naar Faith Erin Hicks ging voor The Divided Earth, het derde deel in de Nameless City-trilogie. Erin Hicks oogst al jaren succes met haar jeugdstrips. Het is niet de eerste keer dat ze in de prijzen valt en het is zelfs niet haar eerste Eisner.

Voor kinderen onder de negen is de Best Publication for Early Readers bedoeld en die was ditmaal voor oudgediende James Kochalka en zijn Johnny Boo and the Ice Cream Computer. Kochalka werkt normaal gesproken voor een volwassen publiek, maar zijn eenvoudige stijl past goed bij een kinderstrip.

WereldwijvenTenslotte reikt men ook nog twee Eisners uit aan albums die oorspronkelijk niet voor de Amerikaanse markt zijn gemaakt en die noemt men Best U.S. Edition of International Material, waarbij er een ‘gewone’ en een Aziatische variant bestaat. De eerste ging naar Pénélope Bagieu voor haar Brazen: Rebel Ladies Who Rocked the World (in het Nederlands: Wereldwijven), de tweede naar Akiko Higashimura voor Tokyo Tarareba Girls.

Als we na het neerdwarrelen van de confetti tellen welke uitgevers de meeste series, boeken en auteurs beloond zagen, dan gaan DC Comics en First Second Books gelijk op met elk 5 Eisners. Aangezien DC met 17 nominaties aanmerkelijk meer kans maakte, mogen we stellen dat First Second de beste zaken heeft gedaan. IDW, met 19 stuks de meest genomineerde uitgever, wist ‘slechts’ 4 Eisners in de wacht te slepen. Net zoveel als Marvel, dat met 7 nominaties aanzienlijk minder kansen had.

Wie overigens geen zin heeft om te wachten met lezen maar nu direct wil beginnen, kan natuurlijk op het internet terecht. Het autobiografische The Contradictions van Sophie Yanow kreeg een Eisner voor de Best Webcomic en Umami van Ken Niimura kreeg de Eisner voor Best Digital Comic. Het verschil is dat je een digital comic eerst tegen betaling (van een in dit geval zelf te bepalen bedrag) moet downloaden voor je hem kunt lezen. 

Sandman-Overture
Berichten

Onverfilmbare The Sandman binnenkort toch een Netflix serie

Als je een aantal strips zou moeten noemen die het Amerikaanse striplandschap voorgoed hebben veranderd, dan hoort The Sandman daar zeker bij. Deze 75-delige serie van de Britse schrijver Neil Gaiman maakte vanaf 1989 furore en vormde de ruggengraat van uitgeverij Vertigo. The Sandman was met afstand de best verkopende titel, vormde de bron van meerdere succesvolle spin-off series en zette zo de toon voor het hele fonds. Samen met alle spin-offs was de serie zelfs zo populair, dat het een heel nieuw publiek wist aan te trekken dat voorheen nog nooit een stripboek had gelezen. Een succes waar andere uitgeverijen graag van mee profiteerden. Zo ontstond een heel nieuwe genre.

The Sandman door Kelley JonesUniek aan The Sandman was de combinatie van een literaire schrijfstijl, filosofische en maatschappelijke thema’s, bovennatuurlijke elementen en een langlopende verhaallijn waarin veel aandacht was voor de personages (in de beste zin van het woord: soap). Het resultaat was een soort graphic novel light, die precies op het juiste moment kwam om het gat tussen de superhelden comic en de (eveneens relatief nieuwe) graphic novel op te vullen. Met het succes van de strip kwam ook het plan The Sandman te verfilmen, maar dat bleek een lastige opgave. Los van de gebruikelijke creatieve onenigheden waren de bovennatuurlijke elementen moeilijk te realiseren. Het plan sneuvelde en werd sindsdien met enige regelmaat weer uit de kast gehaald, maar altijd tevergeefs. Zo kreeg The Sandman de naam onverfilmbaar te zijn.

Gelukkig liet Netflix zich hierdoor niet ontmoedigen. Eind vorige maand gaf het Warner Brothers groen licht voor het produceren van een eerste seizoen van elf afleveringen. Neil Gaiman zelf zal meewerken als producer, samen met David Goyer die al een hele resem succesvolle stripverfilmingen op zijn naam heeft staan, zoals de Batman trilogie van Christopher Nolan. Allan Heinberg, bekend van Wonder Woman en Grey’s Anatomy, mag het script schrijven. Aan grote namen dus geen gebrek en het feit dat Gaiman er zelf bij betrokken is geeft goede hoop dat het dit keer wel lukt.

Met bewerkingen van onder andere Stardust, Neverwhere, American Gods en onlangs nog Good Omens is Neil Gaiman geen onbekende in de wereld van film en televisie, maar het betrof tot nu toe altijd boeken. Mocht de serie van The Sandman er eindelijk komen, dan zou dat de eerste keer zijn dat er een strip van hem verfilmd wordt. En wie weet, wordt The Sandman daardoor ook ontdekt door de algemene boekhandel. De meeste boekhandelaren kennen Gaiman namelijk alleen van zijn romans en hebben geen idee dat hij ook strips geschreven heeft. Uitgeverij RW/Lion, die The Sandman in het Nederlands uitgeeft, zal zich ongetwijfeld verheugen.

 

Berichten

Frits Jonker exploseert verpakkingenkunst

Frits Jonker: Objets du papier 096aWie in de jaren ’80 en ’90 weleens een stripboek las, zal de naam Frits Jonker ongetwijfeld zijn tegengekomen. Jonker was in die tijd de meest gevraagde handletteraar van Nederland en dat betekende dat hij een groot aantal titels onder handen mocht nemen. Digitale lettering heeft het vak inmiddels grotendeels verdrongen, maar voor de meer prestigieuze werken wordt hij zo af en toe nog steeds gevraagd: De Balling van Erik Kriek en Taxi van Aimée de Jongh zijn bijvoorbeeld door Jonker geletterd.

Wie zijn naam opzoekt in Lambieks Comiclopedia leest dat Jonker zich “stripletteraar, scenarist en typograaf” mag noemen, maar hij doet meer dan dat. Jonker lijkt iemand te zijn die maar moeilijk stil kan zitten. Eén van zijn geliefde bezigheden is het voltekenen en uitknippen van kartonnen verpakkingen.
Frits Jonker: Objets 462Dat leidt tot kunstige 2-dimensionale objecten. Omdat Jonker in de loop der jaren een aardige collectie heeft opgebouwd, leek de tijd rijp om de resultaten te delen met de wereld.

In de Galerie in het Da Vinci gebouw (Nieuwpoortkade 2a, Amsterdam) wordt zijn werk vanaf morgen tentoongesteld onder de noemers outsiderkunst en hypergrafiek. Door de grote hoeveelheid is ervoor gekozen om het een explositie te noemen, al hadden wij (oude) hippiesentimenten ook als reden aanvaard. De opening van zaterdag 13 juli is voor genodigden (neem tekengerei mee!), maar daarna is iedereen welkom. Een einddatum is niet bekend, maar Jonker zelf verwacht dat de objecten zeker tot eind augustus zullen blijven hangen.

 

Alfred E. Neumann graphitti
Berichten

DC Comics haalt stekker uit Vertigo en MAD Magazine

Met ingang van 1 januari 2020 neemt DC Comics haar fonds op de schop. De huidige imprints zullen plaatsmaken voor drie nieuwe labels: DC Kids voor kinderen van 8 tot 12 jaar, DC voor 13 jaar en ouder en DC Black Label voor volwassen verhalen, geschikt voor lezers vanaf 17 jaar. Belangrijkste slachtoffer van deze reorganisatie is Vertigo, de allereerste imprint van DC en decennialang de bakermat van series die de (Amerikaanse) stripwereld veranderden. Bekende namen zijn Preacher, Fables, 100 Bullets, Hellblazer, Lucifer, Y the Last Man, Books of Magic, Swamp Thing en natuurlijk The Sandman. Helemaal onverwacht komt dit nieuws overigens niet. Vertigo was al jaren aan het kwakkelen. 

Vertigo-logoIn de jaren ’90 en ’00 was Vertigo een kwaliteitslabel dat een zeer specifieke niche innam, die ze grotendeels zelf had gecreëerd. De series die ze uitbracht waren toonaangevend en het beste bewijs daarvoor waren de lezers die enkel Vertigo-titels kochten en van wie sommigen zelfs überhaupt nooit ander strips hadden gelezen. Het succes inspireerde ook andere uitgeverijen zoals Dark Horse, IDW, Boom! Studios en Image Comics, waardoor Vertigo steeds meer te maken kreeg met serieuze concurrentie. Image heeft de voortrekkersrol van Vertigo de laatste jaren zelfs volledig overgenomen. De grootste bedreiging vormde echter DC Comics zelf.

Sinds 2010 heeft DC een aantal veranderingen doorgevoerd die de imprint steeds verder in de hoek dreef. Eerst werden de contracten aangepast waardoor Vertigo voor auteurs minder aantrekkelijk werd, daarna verhuisden een aantal belangrijke series als Hellblazer, Lucifer en Swamp Thing naar DC, vervolgens werd Karen Berger – drijvende kracht sinds de oprichting in 1993 en de belangrijkste reden van het succes van Vertigo – ontslagen, waarna enkele jaren later de redactie zelfs volledig in handen kwam van DC. Zo bloedde Vertigo steeds verder leeg. Tegen de tijd dat DC met vier nieuwe series en veel tamtam probeerde om Vertigo nieuw leven in te blazen, lag de patiënt al aan de hartbewaking.

The End Of MADVrijdag 5 juli maakte DC bekend dat de reorganisatie nog een roemrucht slachtoffer eist, namelijk MAD Magazine. Het blijft wel bestaan, maar zal met ingang van nummer 11 geen nieuwe strips meer bevatten (op de jaarlijkse special na). MAD werd in 1952 opgericht door Harvey Kurtzman en William Gaines en wordt tot op de dag van vandaag gemaakt door “the usual gang of idiots”. Ondanks het feit dat het tijdschrift zelfs bij niet-striplezers bekend is, was het commerciële succes door de jaren heen wisselend. Als satirisch tijdschrift was het inspringen op de actualiteit altijd een belangrijk ingrediënt, maar dat is dus verleden tijd. Je vraagt je af hoelang het duurt voordat ook MAD Magazine van het infuus wordt gehaald.

Lees!
Berichten

Raad voor Cultuur adviseert strips in de klas

Afgelopen maandag presenteerden de Onderwijsraad en de Raad voor Cultuur het adviesrapport Lees! Een oproep tot een leesoffensief. Het rapport richt zich op het stimuleren van leesplezier bij jongeren. Het is niet nieuw: jongeren lezen steeds minder en raken nauwelijks geprikkeld om te lezen. Weliswaar lezen ze dankzij sociale media veel korte teksten, maar het zogenaamde diepe lezen van langere, complexere teksten gebeurt steeds minder. Wie weinig leest, leert vaak niet goed lezen en dat kan leiden tot laaggeletterdheid, aldus het rapport.

In Lees! Een oproep tot een leesoffensief pleiten de Onderwijsraad en de Raad voor Cultuur dan ook voor een grotere diversiteit in het aanbod. Strips en graphic novels worden daarbij expliciet genoemd: “Veel jongeren lezen graag strips. Houd ze niet tegen, maar grijp ieder leesinitiatief aan. ‘Graphic novels’ hebben een bewezen gunstig effect op de leesattitude en het verwerven van literaire competenties.”

Namens de 9e Kunst zaten Sigge Stegeman en Stefan Nieuwenhuis bij de Raad voor Cultuur aan tafel als gesprekspartner. Binnenkort komen we terug op dit advies en onze voorstellen.

Raad voor Cultuur logo

Lees meer over het advies en de voorstellen van de Raad voor Cultuur en de Onderwijsraad in een uitgebreid artikel in het Algemeen Dagblad van 24 juni.

Het rapport zelf kun je vinden op zowel de site van de Onderwijsraad als die van de Raad voor Cultuur.

Tegelijk met het rapport is een studie verschenen, opgesteld door Sardes en uitgevoerd in opdracht van de Onderwijsraad, waarin cijfers en meningen bijeengebracht zijn over de thema’s lezen, leesplezier, leesbevordering en taalvaardigheid.

Randy Scott
Berichten

MSU Comic Book Library: de grootste ter wereld

Mensen die vinden dat de stripcollectie van Hans Matla – met zijn 70.000 boeken en 100.000 tijdschriften – de grenzen van het voorstelbare tart, kennen die van de Michigan State University Library waarschijnlijk nog niet. Deze blijkt in het bezit van een collectie die maar liefst 350.000 artikelen bevat. Zelfs voor een land waar strips in hoog tempo worden geproduceerd en doorgaans per 16 tot 24 pagina’s in tijdschriften (comics) verschijnen, is dat een uitzonderlijk groot aantal. Sterker nog, de MSU Comic Book Library schijnt de grootste geïndexeerde, vrij toegankelijke stripcollectie ter wereld te zijn.

Het begon eind jaren ’60, toen professor Russel Nye 6.000 comics doneerde met de bedoeling hiermee een aparte sectie binnen de universiteitsbibliotheek te starten. Nye was een voorstander van het bestuderen van populaire cultuur. Tegenwoordig is dat niet ongebruikelijk, maar destijds was het revolutionair. De universiteit zat dan ook niet per se te wachten op deze verzameling, maar professor Nye had een goede naam, ging altijd correct gekleed en had een Pulitzer Prize op zak, dus nee zeggen was lastig. Bovendien waren het de swingin’ sixties, een periode waarin heilige huisjes wel vaker op de schop gingen. Uiteindelijk ging men akkoord en was de collectie een feit.

Randy ScottCurator Randy Scott werkt er al bijna zijn hele professionele leven. Hij was aanvankelijk student aan de MSU en heeft zelfs nog les gehad van professor Nye. Niet onbelangrijk: Scott was en is zelf stripliefhebber. Hij begon in 1971 te werken voor de bibliotheek en deed toen nog van alles wat. Drie jaar later verzon hij een methode om de stripcollectie te indexeren (een taak die – zoals menig verzamelaar weet – makkelijker gezegd is dan gedaan) en ging aan de slag. Weer een jaar later werd Amazing Spider-Man nummer 1 gestolen, tegenwoordig goed voor een slordige $ 100.000. Het personeel wist wie het had gedaan, maar had geen bewijs. Scott besloot daarop zijn taak serieus te nemen en werd zodoende de officiële beheerder.

Dat beheer is nog niet eenvoudig. Volgens Scott gaan de meeste uren zitten in het catalogiseren van de collectie. Het papieren indexatiesysteem is al in 1981 afgedankt en tegenwoordig geheel geautomatiseerd (en online te raadplegen), maar alle artikelen moeten nog steeds met de hand in mylar hoesjes worden gestopt. Als Scott nieuwe bestelt gaat dat met 5.000 stuks per keer.

MSUCBL_Opslag

Daarnaast moet er ook veel worden uitgezocht. De bibliotheek krijgt doorlopend oude collecties opgestuurd. Dat zorgt voor een groot aantal dubbele exemplaren. Van elke titel houdt men de twee beste exemplaren en de rest gaat in de verkoop. Al het geld dat hiermee wordt verdiend gaat terug in de pot.

Met zoveel aanvoer en zo’n lange geschiedenis verwacht je dat er wel wat pareltjes op de planken staan (en liggen) en dat klopt. Zo zijn ze in het bezit van veel eerste nummers van allerlei series, waaronder Wonder Woman, Walt Disney Comics and Stories en Zap van Robert Crumb. Van Obediah Oldebuck (een Engelse vertaling van Monsieur vieux bois, de eerste strip van de Zwitser Rodolphe Töppfer, de eerste stripmaker in de geschiedenis die hier beter bekend is van zijn Mijnheer Prikkebeen) hebben ze maar liefst zeven exemplaren in hun bezit. Grappig genoeg zijn ze ook de trotse bezitter van het Duitse Lexikon der Comics, een elfdelig werk uit 1991 waarvan de MSU het enige exemplaar in Noord-Amerika in handen heeft. Een Duits lexicon? Jawel, naast Engelstalige uitgaven heeft men immers ook zo’n 50.000 internationale publicaties in bezit. Dus mocht Hans Matla geen koper vinden voor zijn verzameling, dan is het misschien nog een idee om bij Randy Scott aan te kloppen. Het zal hem niet de gevraagde 1,8 miljoen euro opleveren, maar wel de zekerheid dat de collectie goed terecht komt.

MSUCBL_Lexikon-der-Comics-01

1 2 3 4
Page 1 of 4