De hausse aan luxe heruitgaven en bundelingen van oude stripseries voorziet vooral in de behoefte van liefhebbers met jeugdsentiment. De vraag is of veel van die heruitgaves nog in staat zijn een nieuw, jonger publiek aan zich te binden. Neem de strip Giuseppe Bergman van Milo Manara. Begin jaren ‘80 was het een vernieuwende manier van vertellen die veel lezers van het maandblad Wordt Vervolgd in hoge mate wist te vermaken. Maar weet de strip anno 2026 nog te verrassen? Ja en nee.
Tot eind jaren ‘70 had Manara vooral de kost verdiend met het maken van illustraties en van pulpstrips op scenario van anderen. Met zijn eerste eigen strip Giuseppe Bergman wilde hij laten zien dat hij meer in zijn mars had. Tegelijk wilde hij zijn eerdere werk niet verloochenen.
In de strip voerde Manara zichzelf op in de vorm van zijn alter ego Giuseppe Bergman, een personage dat droomt van grootse avonturen. Nadat hij wordt ingehuurd door een producent om ook daadwerkelijk avonturen te gaan beleven, valt Bergman van de ene groteske situatie in de andere. Daarbij gebruikt Manara alle clichés die je uit pulpverhalen kent. Denk aan een achtervolging door koppensnellers in de jungle, aan een geheimzinnige opdrachtgever of aan gokkers op een boot die de Amazone afvaart.
Zonder enige serieuze plot volgen de bizarre situaties elkaar op, vaak zonder duidelijke overgang. Manara weet dat alles echter met de illusie van literaire diepgang op papier te zetten doordat hij al die clichés op experimentele wijze aaneen rijgt. Zo laat hij het altijd mopperende personage Bergman rechtstreeks met de lezer praten en commentaar leveren op alles wat er gebeurt. Manara speelt op die manier niet alleen een spel met de lezer, maar vooral ook met critici van zijn werk die hij vermanend laat weten dat geen enkel goed verhaal zonder avontuur kan.
Het eerste album dat destijds verscheen, HP en Giuseppe Bergman, is nu heruitgegeven door uitgeverij Lauwert onder de titel Venetiaanse avonturen. Het is het begin van een vierluik waarin uiteindelijk alle albums gebundeld zullen komen.
HP staat voor Hugo Pratt, de grote verhalenverteller die met zijn avonturenstrip Corto Maltese bewees dat je ook avonturenclichés over piraten in de Caraïben of over schatzoekers in Venetië op een volwassen manier kunt brengen. In dit eerste album laat Manara zijn alter ego op zoek gaan naar HP. Het verhaal is daarbij ondergeschikt aan de avontuurlijke tocht er naartoe. Manara brengt tijdens die tocht overal visuele odes aan het werk van Pratt. Om de haverklap komen personages uit diens avonturenstrips voorbij.
Giuseppe Bergman heeft als strip echter niet de gratie van Corto Maltese. Het is platter, experimenteler en humoristischer. Wat bijna vijftig jaar geleden vernieuwend en revolutionair was in het beeldverhaal, leest nu ietwat gedateerd. Belegen zelfs. Die flirt van Bergman met de communistische dichter Vladimir Majakovski? Dat pleidooi voor vrije seks door vrouwen om de haverklap hun slipje te laten zakken? De verwijzingen naar politiegeweld? Eind jaren ‘70 en begin jaren ‘80 sloot het aan bij de tijdgeest, anno 2026 mist het context.
En toch is Giuseppe Bergman nog steeds het herlezen waard. Het leuke aan de eerste albums is nou juist dat Manara zichzelf als auteur totaal niet serieus nam. Pas in de latere albums begon hij serieuze literaire pretenties te krijgen en doorspekte hij de verhalen met vermoeiende, esoterische boodschappen. Maar zeker de eerste albums ademen nog steeds een spontane pret, die ook vijftig jaar na dato niet is uitgewerkt.
Daarnaast vormden de Giuseppe Bergman-albums een staalkaart van Manara’s kunnen als graficus. Doordat hij zijn personage van het ene decor in het andere laat rollen, geeft hij zichzelf totale vrijheid om alles te tekenen wat hij wil, van steden tot prachtige berglandschappen, van boeventronies tot tropische dieren. Ook die magie is na al die jaren nog niet uitgewerkt.
Milo Manara – Giuseppe Bergman: Venetiaanse avonturen. Lauwert. 104 pagina’s. hardcover. € 26,95






