Strips

In Mary Bell krijgt het kwaad een gezicht dat te jong is om te haten

Er schuilt een ongemakkelijke ironie aan de oorsprong van dit album. Théa Rojzman zocht oorspronkelijk stof voor een bijdrage aan een bundel van Fluide Glacial over seriemoordenaars, doorspekt met zwarte humor. Ze vond geen vrouwelijke zaak die haar pakte, totdat ze stuitte op Mary Bell. Daar bleek echter weinig grappigs aan te ontdekken.

Het boek Mary Bell gaat over een elfjarige die in 1968 in Newcastle twee jongetjes wurgde, en over een journaliste, Gitta Sereny, die decennia later teruggaat om te vragen wat een kind tot zoiets drijft. Rojzman doet niet haar best om Mary vrij te pleiten, maar laat zien wat een onbehandeld trauma in een kind kan voortbrengen. 

Rojzman bouwt haar verhaal niet chronologisch op, maar als een onderzoek dat voortdurend tussen tijdlagen springt. Er is het gesprek tussen Sereny en de volwassen Mary in 1995, de jeugdherinneringen, het proces, de dromen. Die fragmentatie desoriënteert aanvankelijk.

Het is een versnipperd verhaal waarin de lezer verdwaalt en zichzelf verliest, voordat duidelijk wordt dat net die verbrokkeling het punt is. Dat is een ongemak en het scenario verdient er krediet voor dat het die desoriëntatie niet wegmasseert. Het verhaal van een kind dat zelf geen coherente lijn in haar herinneringen kan leggen, hoort niet lineair verteld te worden. Sereny, die haar geloofwaardigheid eerder opbouwde met getuigenissen rond het proces van Neurenberg en een boek over Albert Speer, fungeert als ankerpunt in die chaos. Zij is niet de alwetende verteller, maar iemand die zelf net zo hard moet graven als de lezer.

Vanessa Belardo’s tekenstijl is realistisch en ingehouden, met een sterke nadruk op gezichten en blikken. We hadden bij zo’n verhaal iets grimmigere of realistischere tekeningen verwacht, maar krijgen in plaats daarvan een stijl die eerder gestileerd en steriel overkomt.

Tegen het einde vervormt de tekenstijl zichtbaar. Het is een risico dat de auteurs bewust nemen en het is niet gezegd dat het overal werkt, maar het signaleert wel dat ze hier een vormelijke grens durfden op te zoeken in plaats van veilig te blijven.

Het meest sprekende formele gebaar blijft de passage waarin de tekening zelf wegvalt. Twee zwarte pagina’s met witte tekst bij de onthulling van het misbruik dat Mary onderging. Dat is een erkenning dat sommige feiten zich niet laten illustreren zonder zelf voyeuristisch te worden. De strip kiest op dat punt voor stilte boven beeld.

Het album is overigens kwetsbaar in zijn verhouding tot de bron. Het steunt op Sereny’s Cries Unheard, het boek dat destijds zelf onder vuur lag omdat Mary Bell ervoor betaald werd.

Mary Bell, een moordzuchtige kindertijd overtuigt het meest wanneer het zijn eigen onzekerheid toont in de stiltes, de verbrokkelde tijdlijn en in de weigering van een slotoordeel. Wie op zoek is naar pulp over een kindermoordenaar, zal hier teleurgesteld worden. Wie bereid is zich te laten meeslepen in een afdaling waarin geweld nooit uit het niets ontstaat, vindt een strip die lang blijft hangen, ook al wringt de tekenstijl af en toe.

Vanessa Belardo & Théa Rozjman – Mary Bell, een moordzuchtige kindertijd. Lauwert. 128 pagina’s. hardcover. € 34,95