Nieuwsbrief

Comics

Doomsday Clock, vervolg op Watchmen, eindigt als ode aan Superman

Doomsday-Clock-5Watchmen behoort 35 jaar na de eerste publicatie nog steeds tot de beste strips ooit gemaakt. De brille van bedenker Alan Moore is sindsdien niet meer overtroffen. Niet door de wat teleurstellende verfilming uit 2009. Niet door de tv-serie die een paar jaar geleden werd gemaakt voor HBO. Niet door de serie verhalen die onder de naam Before Watchmen zijn gemaakt en die vertellen over wat enkele figuren uit de strip voordien meemaakten. En ook niet uit het vervolg dat vier jaar geleden werd gemaakt onder de naam Doomsday Clock door scenarist Geoff Johns en tekenaar Gary Frank. Maar Doomsday Clock – dat nu in zes albums het Nederlands is verschenen – doet wel een poging de kwaliteit van het origineel te benaderen. En daar slagen de auteurs aanvankelijk in.

Doomsday Clock begint een paar jaar na waar Watchmen eindigde. Destijds heeft superheld Ozymandias de wereldvrede gered door een gruwelijke dreiging te creëren waarbij miljoenen mensen omkwamen. De angst voor het onbekende gevaar dreef wereldleiders in elkaars armen waarna een kernoorlog werd afgewend. Maar een paar jaar later bleek de list van Ozymandias slechts tijdelijk te werken. Wanneer doordringt tot de mensen dat Ozymandias achter de massamoord zat, dreigt de aarde wederom aan oorlog kapot te gaan. Daarmee komen de profetische woorden die Dr. Manhattan aan het einde van Watchmen tegen Ozymandias sprak (“Niets eindigt ooit.”) uit: de verworven wereldvrede blijkt niet voor altijd.

Doomsday-Clock-5-p3Samen met zijn oude kompaan Rorschach (hè, die was toch dood?) gaat Ozymandias op zoek naar Dr. Manhattan die aan het einde van Watchmen naar een ander universum is vertrokken. Daarvoor nemen ze twee nog onbekende schurken op sleeptouw: het moordende echtpaar Marionette en Mime. Ze komen terecht in het universum dat we kennen uit de DC-strips, met alle superhelden die daarbij horen, zoals Superman en Batman, maar ook de superschurken zoals Joker en Lex Luthor. Het universum waar Ozymandias en Rorschach terecht zijn gekomen blijkt aan een wereldoorlog ten prooi te vallen, net zoals het universum waar ze vandaan komen.

Geoff Johns is geen Alan Moore, maar hij imiteert hem wel op knappe wijze. Hij zorgt voor ingenieuze beeldovergangen tussen de verschillende scènes, geeft tussen de hoofdstukken door extra informatie in de vorm van zogenaamde krantenartikelen of geheime dossiers van de overheid en neemt ruimte om het verleden van de diverse personages uit te diepen, allemaal zaken die Moore ook deed in Watchmen. En al die verhaallijnen grijpen ook nog eens knap terug op verhaallijnen uit het origineel. En waar Moore zijn werk doorgaans doorspekt met verwijzingen naar andere cultuuruitingen, daar doet Johns dat ook. Maar in dit geval vooral naar oude DC-strips en -superhelden uit de jaren ’40 en ’50 van de vorige eeuw.

Doomsday-Clock-5-p2Maar nogmaals: Johns is geen Moore. Zijn personages zijn clichématiger dan de oorspronkelijke hoofdpersonen uit Watchmen. Vooral spilfiguur Ozymandias is een stuk minder geloofwaardig in Doomsday Clock. Als een slechte B-acteur grossiert hij in diabolische glimlachjes of woede-uitbarstingen. Dat maakt hem een stuk minder afschrikwekkend dan in Watchmen, waarin zijn engelachtige uitstraling zo mooi contrasteerde met zijn moorddadige masterplan.

De Amerikaan Johns heeft zijn sporen al verdiend met het maken van allerlei DC-comics en de clichés daaruit kan hij helaas niet helemaal loslaten. Dat een nieuw mens het pak van Rorschach aantrekt zoals vaker gebeurt in comicseries als een dode superheld toch weer nodig is voor een nieuwe verhaallijn, is niet storend. Wat wél stoort, is dat Johns tegen het einde van deze minireeks zóveel verschillende superhelden opvoert, dat het verhaal vanaf het vijfde deel topzwaar wordt. Elk DC-figuur uit de decennialange historie van de uitgeverij lijkt even aan bod te moeten komen. Uiteindelijk moet er een brug worden geslagen met Johns’ Earth 52-verhaallijn die DC eerder uitbracht en waarin Dr. Manhattan al verantwoordelijk was voor een verandering in het universum van superheld Flash (het is even onnavolgbaar als het klinkt). Dat komt de leesbaarheid niet ten goede. Waar Doomsday Clock in de eerste vier delen niet teleurstelt, ontspoort het verhaal enigszins in de afsluitende albums. Wat begint als vervolg op Watchmen, ontaardt in een ode aan de Superman-strips van de afgelopen tachtig jaar.

Doomsday-Clock-6-p2De Britse tekenaar Gary Frank zet alles op verdienstelijke wijze op papier. Zijn tekeningen zijn minder statisch dan die van zijn landgenoot Dave Gibbons destijds. Meer dan in Watchmen zit Doomsday Clock vol spectaculaire actiescènes. Maar daardoor ziet dit vervolg er wel gepolijster uit, wat van invloed is op de sfeer. De grimmige sfeer die Gibbons kon oproepen ontbreekt in Doomsday Clock.

Nou is het praktisch onmogelijk om te tippen aan het niveau van Watchmen. Wie een vervolg maakt op die klassieker, ontkomt niet aan een vergelijking. Vergeleken met Watchmen legt dit vervolg het af. Maar beoordeeld op zijn eigen merites is Doomsday Clock ondanks alle tekortkomingen wel een ingenieus in elkaar gezet plot. Door op en neer te springen in de tijd en verhaallijnen uit Watchmen en klassieke DC-series te vervlechten tot een whodunnit (waarnaar ook nog eens speels wordt verwezen in een zijlijn in dit verhaal over een oude detectivefilm), ontstaat een vermakelijke puzzel met een leuk gevonden einde. Doomsday Clock is geen nieuwe klassieker, maar wel een onderhoudende actiestrip voor wie van crossover-tijdlus-multiversum-verhalen houdt.

Gary Frank en Geoff Johns – Doomsday Clock deel 1 t/m 6. Dark Dragon Books. 72 pagina’s, slappe kaft.  Per deel € 9,95