Het was lang wachten voor de liefhebbers van het werk van Sam Peeters. Zijn vorige album Iedereen op Claudia (onlangs in het nieuws omdat een Antwerpse school het te seksueel gewelddadig vond) dateert alweer van negen jaar geleden. Maar Peeters is nou eenmaal een atypische stripmaker die zich niets aantrekt van verwachtingspatronen.
Dat blijkt ook weer met zijn nieuwe album Echo en Narcissus. Wie een simpele verstripping verwacht van het gelijknamige verhaal uit het canonieke epos Metamorfosen van de Romeinse dichter Ovidius, heeft buiten de eigenzinnigheid van Peeters gerekend.
In de versie van Ovidius is Narcissus een knappe jongeman die alleen geïnteresseerd is in jagen en niet in de liefde. Wanneer de nimf Echo hem benadert, wijst hij haar af waarna zij verdrietig wegkwijnt in een grot en alleen haar stem overblijft. Later straffen de goden Narcissus voor zijn hardvochtigheid en laten hem verliefd worden op zijn eigen spiegelbeeld in het water. Ook hij kwijnt al starend naar zichzelf weg en sterft. Op haar beurt was Echo vóór haar ontmoeting met Narcissus ook al gestraft door de goden om haar praatzucht, waarna ze alleen nog kon herhalen wat andere mensen zeiden.
In de versie van Sam Peeters loopt het net even wat anders. Narcissus is dol op jagen en betrapt bij het thuiskomen zijn vrouw met een ander. Dan biecht ze hem op dat ze ook seks heeft gehad met alle mensen die hij eerder tegenkwam tijdens zijn jachtpartijen. Gek van verdriet en zelfhaat kan Narcissus alleen nog van zichzelf houden.
Echo op haar beurt is in Peeters versie een babbelkous zonder enige eigenwaarde, nadat een andere vrouw haar heeft vernederd om haar uiterlijk. Ze wordt zo onzeker dat ze zich volkomen spiegelt aan anderen. Wanneer ze Narcissus ontmoet en zich ook aan hem spiegelt, vinden ze alsnog de liefde en smelten ze samen.
Het knappe aan Peeters’ aanpak is, dat hij dit alles zonder tekst weet uit te beelden. Op zich al een hele prestatie. Daarnaast laat hij de verhalen van Echo en Narcissus elk aan de andere kant van het album beginnen, waarna de twee vertellingen in het midden samenkomen. Het boek heeft dan ook twee voorkanten en het maakt niet uit aan welke kant je begint met lezen. Een originele aanpak, die verrassend uitpakt.
Nu is originaliteit toch al Peeters’ handelsmerk. Eerst in combinatie met het collectief Lamelos en daarna met solo-albums als In de schaduw van mijn lul en Fucking Hell, waarin hij allerlei verrukkelijke hersenkronkels immer tot een coherent geheel wist te smeden. En zoals altijd doet Peeters dat ook nu weer in zijn typerende, kinderlijk ogende stijl vol dikke, ronde lijnen en egale kleurvlakken die nader beschouwd zo simpel toch niet is. Zoals ook zijn scenario’s weliswaar simpel ogen, maar verrassend inventief in elkaar zitten.

Wat moeten de leerlingen op de kunstacademie Artez in Zwolle, waar Peeters comic design doceert, blij zijn met zo iemand voor de klas. Als zijn lessen ook maar een fractie van de aanstekelijke gekte bevatten die zijn albums vullen, moet je elke keer met een blij gemoed het lokaal weer verlaten. Echo en Narcissus slaagt daar als dubbelalbum in elk geval wonderwel in: wat een fijn boek.
Sam Peeters – Echo en Narcissus. Scratch. 120 pagina’s. softcover met flappen. € 24,95






