Comics

Dave Cooper is terug en zwelgt weer in lelijkheid

De strips van de Canadese auteur Dave Cooper zijn een psychedelische leeservaring. Jarenlang was het relatief rustig, omdat hij zich stortte op schilderen en het maken van tekenfilms zoals het mede door hem gecreëerde Pig Goat Banana Cricket voor kinderzender Nickelodeon. Zelf dacht hij niet dat hij ooit nog zin had om weer strips te gaan maken, maar zie: na jaren waarbij we het moesten doen met het herlezen van zijn ooit door uitgeverij Xtra vertaalde albums Loeder, Dan & Larry in ‘Niet doen’ en Kreukel is het bloed weer gaan kruipen waar het niet gaan kan. Bij The Mansion Press verscheen het eerste van wat een zesdelige comic-serie moet worden: Dog Head comics.

Verwacht geen traditioneel uitgegeven comic met nietjes, maar een luxe uitgegeven kunstboek waarin Coopers tekeningen op groter formaat veel beter tot hun recht komen. Want waar Coopers werk voor veel stripliefhebbers te obscuur of vervreemdend oogt, is zijn schilderwerk en grafiek de laatste jaren aan een kleine opmars bezig en te zien in diverse galeries aan beide kanten van de Atlantische Oceaan. Zo werd hij een aantal jaar geleden door het Madrileens museum voor moderne kunst gevraagd een eigen interpretatie te maken van Jeroen Bosch’ wereldberoemde schilderij De tuin der lusten. Het was die ervaring die hem inspireerde tot het verhaal The great hierarchy dat van start gaat in dit eerste deel van Dog Head comics.

Beschrijven waar het verhaal over gaat, is eigenlijk geen doen. Te meer omdat dit slechts het eerste hoofdstuk is en het gissen is waar Coopers getroebleerde brein het verhaal heen zal loodsen. Maar als lezer wordt je geïntroduceerd in twee werelden. Allereerst een sciencefictionwereld waarin een mannetje met zijn vliegmobiel thuiskomt (de jaren dat Cooper meewerkte aan de tekenfilmserie Futurama zie je er aan af). Al snel moet hij vluchten omdat een mega-robothond het hele appartementencomplex onderschijt met een soort uitzettend schuim. En dan is er de esoterische wereld waarin een godheid met twee ‘penisogen’ elke dag nieuw leven creëert, maar onzeker is of het allemaal wel de moeite waard is.

Cooper zet de werelden neer in bizarre tekeningen zoals we dat van hem gewend zijn. Enkele jaren geleden, toen ik hem interviewde, vertelde Cooper over zijn voorliefde voor lelijkheid: ,,Ik ben net zo dol op lelijkheid als op schoonheid. Ik krijg een kick van het creëren van contrasten: schattig en lelijk, onschuldig en zondig, natuurlijk en synthetisch. In mijn landschappen wil ik dat realisme en fantasie hand in hand gaan. Het moet op een prettige manier verwarrend zijn voor het publiek. Voor de personages heb ik niet hetzelfde schoonheidsideaal als anderen. Vrouwen die afwijken van het modebeeld, dat zijn de vrouwen die mij begeesteren.’’

Wie zijn strip Loeder heeft gelezen (over de obsessieve liefde voor een nukkig meisje met vetrollen) kent Coopers begeestering al. En die komt ook terug in een tweede verhaal dat van start gaat in Dog Head comics: L’architecte. Daarin reist de hoofdpersoon naar een afgelegen bouwplaats in Nova Scotia waar hij gefascineerd raakt door een meisje met flaporen en uitstekende tanden die een zoete wolk van sensualiteit om haar heen draagt.

De grotere pagina’s doen het tekenwerk van Cooper recht. Zijn stijl is door alle jaren dat hij tekenfilms maakte wat ‘ronder’ en vriendelijker geworden, maar is nog altijd even ontregelend en verwrongen als vroeger. Voor wie het werk van Cooper niet kent: denk aan de schilderijen van kunstenaar Fernando Botero op steroïden. Als dat nog geen reden is om je eens in zijn fascinerende werelden te storten, weet ik het ook niet meer. Hopelijk duurt het niet weer jaren voor de volgende delen van Dog Head comics verschijnen.

Dave Cooper – Dog Head comics 1. The Mansion Press. 68 pagina’s. € 29,00 (hc) / € 18,00 (sc)